Artrose

Er bestaan een aantal misverstanden over artrose

Artrose is een ouderdomsziekte

Dit is niet waar. Artrose kan op elke leeftijd ontstaan, hoewel de kans naarmate men ouder wordt wel steeds groter wordt.

Artrose is slijtage

Nee, artrose is geen slijtage, maar een reumatische aandoening. Bij deze aandoening neemt de kwaliteit van het gewrichtskraakbeen geleidelijk af. Dit wordt veroorzaakt door scheurtjes in het kraakbeen. Uiteindelijk kan het kraakbeen op sommige plaatsen zelfs helemaal verdwijnen.

Artrose is niet te behandelen

Artrose is niet te genezen, maar behandeling is zeker zinvol. Pijn en ontstekingen kunnen worden behandeld met medicijnen. Met oefentherapie kan de stijfheid bestreden worden. Bovendien houd je zo de spieren sterk en soepel. Gewrichten kunnen in sommige gevallen operatief vervangen worden door kunstgewrichten.

Artrose is hetzelfde als (chronische ontstekings)reuma

Ook dit is niet waar. Chronische ontstekingsreuma (reumatoïde artritis) is ook een aandoening van de gewrichten. Alleen is er dan sprake van onder andere gewrichtsontstekingen in plaats van kraakbeenachteruitgang. Het gaat wel vaak samen met artrose.

Gewrichten slijten door beweging

In tegendeel: bewegen is juist noodzakelijk om de gewrichten soepel te houden.

Fysiotherapie vermindert kans op operatie

Onderzoeker Dr. Martijn Pisters over onderzoek naar artrose

Artrose doet pijn. Daarom hebben patiënten de neiging om te blijven zitten. “Toch doorbijten,” zegt Martijn Pisters, “blijf bewegen. Als mensen met artrose dat niet doen, gaan de spierkracht en stabiliteit van gewrichten achteruit. Waardoor bewegen nog meer pijn doet.” “De eerste twintig meter lopen betekent tanden op elkaar en doorzetten. Daarna ebt de pijn weg.” Dr. Martijn Pisters van de opleiding Fysiotherapiewetenschap (Universiteit Utrecht) en Fontys Hogescholen doet al jaren onderzoek naar het effect van fysiotherapie bij mensen met slijtage van het kraakbeen in de gewrichten.

Artrose is een chronische ziekte, maar met goede therapie kunnen de pijnklachten verminderen. Een operatie kan worden uitgesteld of soms zelfs voorkomen. Pisters legt uit: “Sommige patiënten slikken pijnstillers en worden verder niet behandeld. Dat is onnodig, want bewegen veroorzaakt geen schade aan de gewrichten, zoals sommigen denken.” Zodra de behandelingen bij de fysiotherapeut zijn afgelopen, stopt de patiënt vaak ook met oefeningen thuis. Daarom staat tegenwoordig het doel van de patiënt centraal: hij wil bijvoorbeeld weer een uur per dag kunnen wandelen om zelf boodschappen te doen of om zijn hondje te kunnen uitlaten. “Dat moet je opbouwen.” zegt Pisters. “Elke dag een minuutje meer. Met zo’n gedragsgeoriënteerde behandeling is de kans op een operatie drie keer zo klein.”

Het is belangrijk om regelmatig zelf thuis oefeningen te doen en te blijven bewegen. “Met die ene fysiotherapiebehandeling per week komt de patiënt er niet. Door terugkomsessies na de behandeling behoud je het effect.” “Sommige mensen zijn niet gemotiveerd om regelmatig bij de fysiotherapeut terug te komen. “Doe die operatie maar, dan ben ik er in een keer van af”, zeggen ze. Maar zo’n operatie heeft ook risico’s en bij een op de drie patiënten voldoet de operatie niet aan de verwachtingen,” vertelt Martijn Pisters. “Fysiotherapie kan het verschil maken, zeker bij artrose.”

Meer informatie over fysiotherapie bij heup- en knieartrose vindt u in de factsheet van het KNGF; deze kunt u hier downloaden.